![]() ![]() |
2006 Grand Theatre, Groningen 11 januari 2006
>>>> Hoor Meindert Talma eens rocken! GRONINGEN Friezen om utens: men kan haast niet zonder. Van de drie acts die gisteravond bij de presentatie van het nieuwe Productiehuis Popcultuur Groningen hun audiovisuele ding deden, hadden er twee overduidelijk Friese wortels. Het Productiehuis, opgezet door poppodium Vera, de popprogammering van De Oosterpoort en Stichting Noorderslag, wil nieuwe uitingsvormen op het gebied van de popcultuur stimuleren. Dat gebeurt dan met subsidie van de gemeente Groningen, waar Meindert Talma (oud-Surhuistervener,oud-Groninger, nu wonend in Zuidhorn) en zijn Negroes (twee inwoners van Drachtster Compagnie, een Groninger van Friese komaf) net zo dankbaar gebruik van maken als oud-Sneker en oud-Visitor-bassist Tjeerd Folmer (als Transfolmer). De visuele bijdrage bij Talma is van Jan Klug, Groninger van Duitse komaf. Het Productiehuis en verschillende andere fondsen telden in totaal 25.000 neer voor Iemand moet het doen / Ien moatit dwaan, Talmas eerste echte theaterproductie. Een eerdere, eenmalige voorstelling in De Harmonie in Leeuwarden was meer een vingeroefening. Het is logisch dat Talma, in navolging van tal van vertegenwoordigers van de popcultuur, graag de theaters in wil: dat is een forse, en financieel aantrekkelijke uitbreiding van het werkterrein. Helemaal af is de voorstelling nog niet. De versie die gisteravond gespeeld werd duurde drie kwartier, als men in het najaar het theaterpluche opzoekt moet daar nog een half uur bijbedacht zijn. Intussen bestaat het theatrale element, op een paar samenspraakjes na, vooral uit de visuele verluchtiging van Klug, die in tweevoud boven de band is geprojecteerd. De beelden hebben doorgaans hetzelfde broodnuchtere en toch lichtjes vervreemdende karakter als de muziek en teksten van Talma. We zien drummer Jan Pier Brands, in het dagelijks leven toch al een veelzijdig man, ook nog eens acteren als de Versmobielondernemer in het gelijknamige nummer. Bij Rummenigge worden de Duitse stervoetballers uit Talmas jonge jaren geprojecteerd. Maar abstractere beelden mogen even goed. Dat het eigenlijk om een liefdesverhaal gaat nemen wij graag aan, maar erg dik ligt het er niet bovenop. Dat is misschien maar goed ook, want zo blijft er iets te raden over. Meindert en de zijnen spelen verder vooral bekend werk, dat in deze context toch weer een net iets andere lading krijgt dan we al dachten. Intussen wordt het tijd om iets te herroepen. In deze kolommen spraken wij Talma meerdere malen aan op zijn vermeende dilettantisme. Maar wat als zodanig overkomt, bijvoorbeeld het moedwillig verleggen van de klemtonen om het Nederlands enigszins in de pas te laten lopen met de rockritmiek, is in feite een bijzonder authentieke manier van uitdrukken, die Talma en band steeds beter onder de knie krijgen. Hoor ze eens rocken! >>>> Orginele liefdeslyriek, maar geen
muziektheater Talma selecteerde liedjes die een beeld schetsen van zijn geboortestreek de Wâlden, en de frontale botsing die zich daar in een jongenslichaam kan voordoen tussen gereformeerde levenslessen en puberhormonen. Die thematiek is Talma's specialiteit. Hij schreef er inmiddels heel wat ontroerende, bizarre en hilarische liedjes over. Het was enig om Versmobiel-ondernemer (1999) weer eens te horen en om nog eens uitgelegd te krijgen hoe je als puberjongen rond 1980 een saaie zaterdag in Surhuisterveen doorkwam: eerst op je kamer een potje rukken met een seksboekje in de hand, en daarna van pure ellende naar Duits voetbal in de Sportschau kijken. Rummenigge (2001) blijft één van Talma's allermooiste. Muziektheater? Dat was een wat groot woord. Weliswaar vormden de liedjes met enige goede wil een 'filmisch liefdesverhaal', zoals het affiche beloofde, maar eigenlijk was het gewoon een optreden van Talma & The Negroes, met Klugs fraaie visuals als decor. Band en mediakunstenaar bereikten in dezelfde songs hun hoogtepunten: Rummenigge en het sinistere Een smerig karwei, waarin we gitarist Nyk de Vries als een bezetene met een koevoet in zien meppen op de slagersdochter. 'Het is een smerig karwei, maar iemand moet het doen', gromde Talma dreigend. En dat terwijl hij eerder verzuchtte dat er nooit een meisje verliefd op hem wordt. Aan zijn originele liefdeslyriek kan dat niet liggen: 'Sa glânzich as in ikel', zingt hij over een prachtige vrouw die hij het hof probeert te maken. Niet opgeven. Ooit is er een vrouw die het wél op waarde weet te schatten als ze door Talma liefdevol wordt vergeleken met een glanzende eikel. >>>> Veelzijdige popcultuur aan vooravond
van Eurosonic (...) Door dit ludieke element werd het niet duidelijk waar
het duo nou eigenlijk naar toe wilde, en bleef de voorstelling erg vaag. Hopelijk gaan we in de toekomst meer horen van het Productiehuis Popcultuur Groningen. Want deze avond mag als een geslaagde aanzet tot meer gezien worden. |
www.grand-theatre.nl
|