Freeze

Hondert punten, dat ben ik, nee hoor
Meindert Talma over zijn cd en over zichzelf

juni 1997
Lolkje Algra

"Om negen uur bij de Martinikerk? Dat is goed't", zei Meindert Talma over de telefoon en zo sprak ik met hem af voor een gesprek over zijn mooie maar merkwaardige debuut-cd "Hondert Punten", over zijn jeugd in Surhuisterveen en zijn plannen voor de toekomst met zijn nieuwe band: De Meindert Talma Band.

Verbaasd kijk ik achterom wanneer de klok van de Martinitoren de laatste van de negen slagen laat luiden en Meindert achter mij de Martinikerk uit komt lopen. Hij is in een keurig pak gestoken en heeft een exemplaar van de Jonge Boschatlas en een dikke uitvoering van Moby Dick onder zijn arm. "Ik mag graag naar het orgel van de Martinikerk luisteren" verklaart Meindert, "en ik lees daarbij graag een mooi dik boek". Op de vraag wat hij dan met die grote Boschatlas doet, antwoordt Talma: "Nou, het is een spannend verhaal van kapitein Ahab die op jacht gaat naar de witte walvis Moby Dick en ik wil dan ook graag weten waar ze precies langs varen om dat witte mormel te vangen."

Op weg naar jongerencentrum Vera, om in de kelderbar wat te drinken en te praten, komen we voorbij een draaiorgel. Meindert blijft even staan en luistert aandachtig. Het draaiorgel speelt het lied 'The Final Countdown' van de Zweedse formatie 'Europe'. Wanneer het lied afgelopen is, steekt Meindert zijn rechterduim omhoog en zegt tegen de eigenaar die met de centenbak staat te wapperen: "Hondert punten" en loopt weer door. "Een draaiorgel mag ik ook graag horen" vertelt Meindert later in de kelderbar. "Ik wilde eerst een piano kopen van het geld wat ik destijds verdiend had met een vakantiebaantje, maar mijn vader zei: 'Een orgel, Meindert jonge, daar heb je veel meer aan' en hij had gelijk". Als ik hem vraag waarom hij zijn cd 'Hondert Punten' heeft genoemd, begint Meindert te lachen. Hij steekt wederom zijn rechterduim omhoog en roept luidkeels: "Hondert punten dat ben ik. Nee hoor" veronderschuldigt hij zich meteen: "Zo'n hoge dunk heb ik nou ook weer niet van mezelf, alhoewel ik wel trots ben op mijn plaat. Nee, hondert punten dat is een uitspraak van een vriend van mij. Ik heb er een liedje over geschreven en het is wel een mooie uitspraak, dat daarom leek het mij wel een mooie titel voor mijn cd. Die spelfout van hondert met een t maakte ik per ongeluk, omdat je in het Fries wel honderd met een t schrijft, we vonden het wel leuk en daarom hebben we het er maar ingehouden".

"Over mijn jeugd kan ik kort zijn" zegt Meindert, wanneer ik hem vraag in hoeverre zijn jonge jaren in Surhuisterveen voor zijn muziek van belang zijn geweest. "En ik wil er ook niet veel over kwijt, behalve dat het enige van belang was, dat ik er heb leren orgelspelen. Ik heb ook nog op het kerkorgel gespeeld en er enkele jaren heerlijk gekorfbald. Ook wil ik vanaf deze kant mijn ouders, Jan en Klaske, nog bedanken voor de goede zorgen en zo. Meer wil ik er niet over kwijt".

Op de vraag wat de toekomst voor Meindert Talma te bieden heeft antwoordt hij: "De toekomst klinkt mij als muziek in de oren. Toekomstmuziek, ik ga toekomstmuziek maken met mijn nieuwe band (De Meindert Talma Band met onder anderen in de gelederen Nyk de Vries van voorheen The Amp). "Hoe is het eigenlijk met Nyk?" vraag ik Meindert, "de laatste keer dat ik hem zag wou hij zijn bed niet meer uit". "Nou het gaat wel goed met Nyk" kon hij mij vertellen, "hij heeft zijn existentiële winterslaap uit zullen we maar zeggen en heeft in één keer zijn rijbewijs gehaald. Dat is niet niks. Ik heb er zes keer over gedaan. Nyk en ik wonen samen in een huis. Huize 't Skûtsje te Beijum, samen met nog twee anderen. Wij brengen met z'n tweeën ook de "Blauwe Fedde" uit. Een Friestalig blad met mooie verhalen en interviews. Nee, het gaat wel goed met Nyk". Meindert heeft Nyk leren kennen tijdens zijn studie Geschiedenis en hij was een groot bewonderaar van The Amp. "Ik ben dan ook erg blij dat Henk Veenstra van The Amp op mijn plaat heeft meegespeeld". Erg beïnvloed is Meindert niet door The Amp. "Misschien wel wat door die tragiek van de jaren tachtig die The Amp ook had, maar verder ook niet. Mijn grote voorbeelden zijn toch Bach en Stevie Wonder. Orgelmannen zal ik maar zeggen. Weet je waarom Stevie Wonder altijd zo lacht" vertrouwt Meindert mij tot besluit toe met een geheimzinnige lach om de mond, "omdat hij niet kan zien hoe wreed en gemeen de mens kan zijn".

Verwonderd denk ik na over zijn uitspraak terwijl Meindert nog een drankje voor ons beiden ophaalt.

Terug naar
pers-overzicht