![]()
![]()
![]()
![]()
![]()
![]()
De plattelandswaanzin van Meindert Talma & the Negroes december 1998
Dit was het nieuws voor Friesland en omstreken. En dan nu het weer. Morgen: Een dag zo bitter als kippenstront'. Voor Friezen is dit waarschijnlijk normale koek, maar de rest van Nederland zal zich de smaak van kippenstront niet goed kunnen herinneren. Een gesprek met de bedenker van deze uitdrukking: Meindert Talma. In zijn kamer staan de orgels, piano's en een oude Korg synthesizer (model 'Brian Eno') in een hoek opgestapeld, klaar om uit te rukken naar een optreden. Hoewel de bezoekers van Euroslag, Crossing Border en Lowlands hen over de afgelopen twee jaar al mochten bewonderen, is het momenteel even rustig voor Meindert Talma & The Negroes. Maar de nieuwe cd Ferhûddûker is dan ook nog maar net uitgekomen. Op het album horen we een zanger die schijnbaar plichtmatig zijn liedjes afwerkt, zijn emoties zelden de vrije loop laat en over zeer zwartgallige zaken zingt alsof hij het nieuws voorleest. Toch is Meindert een zeer gedreven persoon. Naast de band en de liedjes is hij constant met taal bezig: hij geeft het Friese blad De Blauwe Fedde uit, werkt aan een boek met verhalen en maakt deel uit van een cabaret-trio De Vries/Talma/De Vries, dat de afgelopen zomer op de Parade in Amsterdam twee weken lang een tent vulde. Op het ogenblik voert de muziek echter de boventoon. En als het even zou kunnen, zou hij graag van zijn artistieke uitingen bestaan. Anti-held - Om de commerciële potentie van de cd echter nog iets te verlagen, zijn de dertien liedjes afwisselend in het Nederlands (zeven stuks) en in het Fries (zes stuks) geschreven. Meindert Talma: 'In welke taal ik schrijf ligt aan mijn bui. Soms ben ik wekenlang in het Fries aan het schrijven, onder andere voor De Blauwe Fedde. Ik schrijf ook veel over het platteland, misschien dat dat ook meespeelt. Dan denk ik ook altijd in het Fries.' Zijn uitspraak in de rustige nummers is tamelijk onderkoeld. Ooit werd hij zelfs tot anti-held gebombardeerd, maar Meindert heeft het niet zo bedoeld. Hij is het simpelweg niet gewend om te schreeuwen. Hij speelde altijd rustig achter het orgel, en daar schreeuw je misschien wat minder snel bij dan wanneer je op een gitaar jengelt. Hij wil het dus eigenlijk wel. Maar aan de andere kant: praktisch alle zangers en zangeressen schreeuwen zich doorgaans naar een climax toe, dus de totale afwezigheid van orgastisch gereutel met de stembanden maakt dat Meindert's gezang wel zo verfrissend klinkt. Het is echter niet een en al rustige luistermuziek. In de up-tempo nummers gaat het ineens richting Pavement (Dat is sneu en Ferhûddûker). Ferhûddûker betekent zoveel als degene die de lul is. Dit is ook het thema van de cd. Alle liedjes gaan over mensen die klappen krijgen. Zo zijn daar onder andere: ome Piet; die kan heel veel dingen niet, de 'taksysjauffeur'; die ligt onder de 'juffrou' (da's ook best zielig), en onze Johan; die heeft altijd wat, en is nu zelfs een beetje dood. Kortom, eigenlijk een plaat vol met losers. Maar treurt niet, want deze liedjes zijn om vrolijk van te worden. Ik neuriede drie dagen lang: 'Onze Herman, die is dood', en zo kan iedereen zijn eigen versie neuriën. |