Oor

Meindert Talma & the Negroes

14 november 1998
Willem Jongeneelen

MEINDERT TALMA & THE NEGROES VERRASTE ONLANGS HEEL GRONINGEN, FRIESLAND EN EEN GEDEELTE VAN DE GOED OPLETTENDE REST VAN NEDERLAND MET HUN PRACHTIGE TWEEDE CD FERHûDDûKER, VOL TRIESTE LEVENSLIEDJES DIE ASSOCIATIES OPROEPEN MET ZOWEL WEEN, DANIEL JOHNSTON, JOY DIVISION ALS dEUS.

Het woord is Fries voor pispaal, degene die de klappen krijgt, de jongen die in 't hoekje wordt gedrukt. Talma spreekt uit ervaring. "Ja, inmiddels heb ook ik geleerd dat het beter is voor jezelf op te komen. Maar vroeger was ik wel degelijk die langer mager slungel, dat buitenbeentje. Ik stond alleen in mijn smaak voor muziek. Mijn meeste leeftijdsgenootjes vonden mij nogal vreemd vroeger. Ik was een aparte. En heel verlegen. Dat laatste is nog niet helemaal voorbij. Talma vindt de aandacht voor zijn cd prachtig, maar erover praten brengt hem regelmatig aan 't stotteren. "Het vreemde is dat het juist op het podium, midden in de spotlights geheel over is met die verlegenheid. Op het podium voel ik me beter dan in het werkelijke leven. Daar kan ik ook vrijuit praten." Het werkelijke leven van de afgestudeerde historicus Talma draait om angst, verdriet en verlangen. Net als drank, duisternis, drama en dames steeds terugkerende thema's in zijn werk. Talma: "Ik ben bang dat je gelijk hebt. Het komt me wel bekend voor. Al moet ik eerlijk bekennen dat ik mijn teksten zelf nooit analyseer. Ik schrijf gewoon verhaaltjes. Niet zelden tragikomisch. Net als het leven zelf. Op de tweede cd ligt de nadruk inderdaad erg sterk op mijn trieste kant. Ik ben ook niet zo'n uitbundige gast. Talma heeft ook wel vrolijke liedjes geschreven, maar de meeste daarvan staan op zijn lo-fi vier sporen-debuut Hondert punten. Op de met zijn echte band The Negroes ("We houden alle vier van soul en het zijn toch meestal negers die dat maken") in een heuse studio opgenomen opvolger valt er hooguit te lachen met Dick Passchier als De Heare Jezus in het liedje Hippert Hipe. Of is ook dat serieus bedoeld? Talma: "Eigenlijk wel ja. Ik ben opgegroeid in een typisch NCRV-gezin en als kind keek ik heel graag naar zijn Stedenspel."

Terug naar
pers-overzicht