De Volkskrant

Poeperdepoep, daar is de SRV-man

6 januari 2000
Menno Pot

jansen-mark01.jpg (15568 bytes)
Foto: Mark Jansen

Inmiddels is Meindert Talma sociaal wat minder 'stroef', maar als er wordt gevloekt in zijn nabijheid schrikt hij nog steeds een beetje. Talma komt uit een Fries, calvinistisch nest, en maakt daar dankbaar gebruik van in zijn liedjes en in zijn debuutroman 'Dammen met ome Hajo'. 'Mijn ouders vinden mijn teksten en mijn zang niet zo mooi.'

De route waarlangs de bus tussen Drachten en Surhuisterveen rijdt, moet zo ongeveer het traject zijn dat Meindert Talma en zijn dorpsgenoten in de vroege jaren tachtig per fiets aflegden, op weg van het Drachster Ichtus College naar huis. Langs Rottevalle, Houtigehage en Boelensloane. Over zo'n weggetje waar je altijd tegenwind hebt - en vandaag regent het ook nog.

Met de bus ben je gelukkig snel in Surhuisterveen, op het dorpsplein met het torentje-zonder-kerk, een herkenningspunt voor wie 'Dammen met ome Hajo' gelezen heeft, Meindert Talma's debuutroman. Dit is zijn wereld, het decor voor zowel het boek als de liedjes op de cd met dezelfde titel, die hij opnam mijn band The Negroes.

De Wâlden (De Friese Wouden), de streek ten noorden van Drachten, is misschien wel het meest Friese deel van Friesland. Een sobere, wat naargeestige arbeidersstreek, ver verwijderd van de fraaie stadjes in de westelijke helft van de provincie.

De Wâlden is de streek waar 'Feansters', uit Surhuisterveen, en 'Harkiten', uit Harkema, elkaar naar het leven staan in beladen korfbal-derby's. Eventueel kan 's avonds, in de dorpsdiscotheken, verder worden geknokt. Want het zijn rauwdouwers, daar in die contreien. Als je als jeugdvoetballertje naar de Wâlden moest, dan wist je: dat wordt vliegende tackles ontwijken.

Meindert Talma (1968) was een slungelig, bedeesd jochie. Hij was niet zoals Wopke Weening, wiens armen onder de schrammen zaten van het illegaal kippenvangen, elke ochtend in een loods. En hij was anders dan Herman Herder, die na een sloot bier wel eens een rauwe frikandel at, of de 'Sexsmurf', de oversekste dorpspunker die zijn piemel 'Lid Vicious' noemde.

Tijdens een wandeling door het dorp fronst hij zijn wenkbrauwen bij het zien van een affiche voor een Kinky Chocolate Party in één van de dorpskroegen. Met topless bediening - dat belooft wat. Zijn nieuwe thuisstad Groningen heeft Talma nog niet ongevoelig gemaakt voor zulke zaken. 'Als ik zoiets lees, voel ik nog altijd schuld en schaamte. Dat verdwijnt waarschijnlijk nooit meer. Ik voel het ook als ik iemand hoor vloeken. Zelf vloek ik ook wel eens, dat geef ik toe.'

De Talma's zijn een streng gereformeerd gezin. Meindert volgde kerkorgellessen. Niet dat hij zijn grenzen niet verlegde: al snel was Jack Kerouacs 'On The Road' vaker in huize Talma dan in de openbare bieb van Surhuisterveen. Hij beluisterde platen van de vroege Pink Floyd en de Velvet Underground. En Johnny Cash, maar dat deed hij al langer.

Een duidelijk product van Surhuisterveen en zijn calvinistische nest is Meindert Talma altijd gebleven. De incidentele 'stoere praat' ten spijt, is het leven nog voelbaar goed in 'Dammen met ome Hajo'. Het boek en de plaat bestaan uit losse schetsen van een leven in Surhuisterveen, droogjes opgeschreven in wat naïef, maar liefdevol proza. 'Ik hou er niet zo van als schrijvers met een gereformeerde jeugd vanuit een soort wraakgevoelens gaan natrappen naar het geloof en het dorp waar ze vandaan komen. Vooral niet als ze er hun hele oeuvre aan ophangen.'

Zelf wil hij de mooie kanten van het dorpsleven laten zien, en het warme gevoel dat hij eraan heeft overgehouden. Natuurlijk was hij Surhuisterveen zat toen hij achttien was. Natuurlijk gaat hij niet meer elke zondag naar de kerk. Maar de mensen zijn zo prachtig. Herkenbare, soms heerlijke stereotype karakters. Zoals hoofdfiguur Ome Hajo, de dammende SRV-man van het dorp, die altijd 'poeperdepoep' roept als hij iets merkwaardig vindt, maar streng in de Here raakt als hij met zijn 'versmobiel' een meisje aanrijdt.

De wereld van 'Dammen met ome Hajo' is in al zijn eenvoud uiterst verraderlijk. Wat, en vooral wie, is echt? En wat is verzonnen? De personages zijn vaak uit verschillende bestaande personen samengesteld, maar blijken nog voldoende herkenbaar om een aantal 'Feansters' in het verkeerde keelgat te schieten. Talma: 'Ome Hajo en de orgelleraar waren niet zo blij. Los daarvan lijkt het of ze in de Randstad mijn werk beter kunnen waarderen dan hier in Friesland. Mijn ouders vinden mijn liedjes, mijn teksten en mijn zang bijvoorbeeld niet zo mooi.'

De liedjes zijn, volgens Talma zelf, tot stand gekomen zoals het oude lo fi-werk van groepen als Guided by Voices en Pavement. Als luisteraar moet je bij Talma's stemgeluid en het prachtig wereldvreemde sfeertje van de liedjes eerder denken aan Eugene Edwards van Sixteen Horsepower. Zouden veel Surhuisterveners die referenties kennen? In elk geval vinden veel volwassenen dat Meindert Talma maar 'nuvere ferskes' (rare liedjes) maakt.

Of erger: schoolleraar Klaas Innes Bruinsma, bij wie Talma aan het Ichtus College les kreeg en die in 'Dammen met ome Hajo' voorkomt, schreef een ingezonden brief naar het Friese literaire tijdschrift Trotwaer, om de mensheid op het hart te drukken dat Meindert Talma niet geniaal is, zoals recensent Goaitsen van der Vliet in een late recensie van zijn vorige cd 'Ferhûddûker' (letterlijk: 'verdrukker') had beweerd, maar 'wakkere gek yn'e plasse', niet goed bij z'n hoofd dus. Zo blijkt maar weer eens dat genialiteit en waanzin dicht bij elkaar liggen, vindt Bruinsma. 'Wêrom in skoander en djoer papier te fergriemen oan in plaat mei de wurde fan skythúspapier?' (Waarom mooi duur papier verspillen aan een plaat met de waarde van pleepapier?')

Toch blijft Meindert Talma ze onverstoorbaar portretteren, de 'Feansters', als een chroniqueur van de Wâlden. In het door hem opgerichte, Friestalige tijdschrift De Blauwe Fedde staan ook vaak portretten van provinciegenoten. Ook leraar Bruinsma kwam al eens aan de beurt. Verhalen over gewone Friezen, zo universeel dat iedere dorpeling ze zal herkennen. Elk klein dorp heeft zijn Ome Hajo, zijn Jan Patat en zijn Kromme Ties. 'Dat vind ik mooi', zegt Talma - en daarna blijft het stil.

Veel meer woorden heeft hij niet paraat als het om zijn grootste talent gaat: zijn vermogen precies genoeg afstand van zijn personages te nemen om ze onweerstaanbaar geestig te kunnen neerzetten, zonder zich ook maar een moment boven ze verheven te voelen. Hij staat naast ze. Hooguit op een klein afstandje. Nog steeds, na vele jaren Groningen.

Talma: 'In het begin had ik grote moeite me aan te passen aan de grote stad. Ik had geen enkele ervaring met dingen als eten koken. En sociaal gezien liep het een beetje stroef. Ik kon me moeilijk uitdrukken. Maar dat is wel wat beter geworden.

Waar het ook 'stroef' mee liep, waren de meisjes. Meindert stotterde. Bovendien voert hij zichzelf in 'Dammen met ome Hajo' op als de volmaakte kluns, die het presteert zelfs bij korfbal een eigen doelpunt te scoren. Zijn pogingen om de mooie C1000-caissière Hester Bosma voor zich te winnen, zijn hopeloos en eindigen dramatisch. Voor haar schreef hij 'My Queen Obscene', het enige Engelstalige nummer op het album.

Verder houdt Meindert het bij Nederlands, zijn tweede taal, waarin zijn droogheid af en toe nog mooier uitkomt dan in het Fries. Op 'Ferhûddûker' staat 'Onze Johan': 'Onze Johan, die heeft ook altijd wat/Nu is 'ie weer dood/Onze Johan, die is er niet meer/Hij is nu bij onze Lieve Heer'.

Maar Meindert Talma denkt in het Fries. Hij kan het niet over zijn hart verkrijgen zijn karakters een 'vreemde' taal als het Nederlands in de mond te leggen. De dialogen in 'Dammen met ome Hajo' zijn daarom Friestalig. Het Nederlands is, schijnbaar met opzet, doorspekt met af en toe hilarische Friesismen.

'Het schijnt inderdaad dat de eindredacteur er nog een paar over het hoofd heeft gezien', zegt Talma. 'Het was niet de bedoeling. Zelf herken ik geen Friesismen. De mensen moeten er maar geen aanstoot aan nemen.'

Een prachtige, typische Meindert Talma-verzuchting, indachtig de wijsheid uit het liedje 'De muziek maakt dat het vanzelf gaat': 'Het zou denk ik beter gaan als we allemaal/een heel klein beetje simpel waren.'

Terug naar
pers-overzicht