De Volkskrant

LEKKER BELANGRIJK
Nederlandse bands in Texas; is hier sprake van een Tweede Golf?

23 maart 2000
Meindert Talma
(voorpagina Kunst & Cultuur-bijlage)

Meindert Talma, de Friese zanger en schrijver, stapte voor het eerst van zijn leven in een vliegtuig. In het keilzog van Daryll-Ann, waarmee Meindert Talma & The Negroes meermalen als voorprogramma optrad, toog hij naar Austin, Texas. Daar bezocht hij het befaamde South-By-Southwest-festival en woonde, ook voor het eerst van zijn leven, een concert van De Dijk bij. Na Tee Set en Shocking Blue eindelijk weer een Dutch Invasion!

Om 4.30 uur gaat de wekker. Vandaag mijn eerste kennismaking met een vliegtuig en Amerika. De IC-trein van Groningen naar Schiphol gaat om 5.38 uur. Bij aankomst om half negen staan Ferry Roseboom en Jeroen Kleijn, manager en drummer van Daryll-Ann mij op te wachten. De rest van de band en geluidsman Ron Goris staan verderop met vier gitaren, bekkens en bagage.

Voordat we de lucht in mogen krijgen we een stortvloed van vragen over ons heen van een daartoe bevoegde jonge vrouw. ‘Heeft u iets meegenomen dat u vorige week van iemand heeft gekregen?’ Anne Soldaat, leadgitarist en zanger van Daryll-Ann: ‘Ja, een boek van een vriendinnetje.’ Jonge vrouw: ‘Heeft u dit boek doorgebladerd?’ ‘Lekker belangrijk,’zegt Ron als we eindelijk het vliegtuig van Delta-Airlines kunnen instappen.

Niet onaardig dat vliegen: geweldig uitzicht, 3 speelfilms en ondanks mijn 2.06 meter heb ik genoeg beenruimte. 14.30 uur Amerikaanse tijd landen we in Atlanta. Hilariteit: Jeroen Vos, de bassist van Daryll-Ann wordt in zijn nekvel gepakt omdat hij een appel eet. Meteen worden ook al zijn tassen ondersteboven gehaald. En dat terwijl zijn vader vroeger KLM-piloot was en hij er zelf nog op had gewezen geen fruit te eten bij de controles. Iedereen moet terugkomen en weer zijn paspoort tevoorschijn halen. Coen Paulusma, zanger-toetsenist van Daryll-Ann, ergert zich mateloos. Wat voor tweelingbroer en leadzanger-gitarist Jelle aanleiding is wat olie op het vuur te gooien. ‘Hee Coen, doe niet zo a-relaxed man.’

De vliegtuigrit van Atlanta naar Austin is heel wat minder comfortabel - minder beenruimte vooral. In Austin snuif ik de heerlijke Texaanse geuren op en kan de jas uit dankzij de lekker zwoele temperatuur. Met een pendelbusje gaan we naar Holiday Inn Austin South, het hotel waar we deze week zullen overnachten. We brengen de bagage in onze kamers en gaan naar een Mexicaans restaurant genaamd El Gallo. Na een stevige maaltijd laven we ons aan het bier, frozen margaritas en tequila. De Daryll-Anners, zo zal ik deze week merken, hebben net als iedere vriendengroep een eigen vocabulaire. Hun goede timing en intonatie van zinnetjes als ‘goed man’, ‘lekker belangrijk’ of ‘doe niet zo a-relaxed man’ zullen de hele week op mijn lachspieren werken.

De volgende dag, woensdag 15 maart, is de eerste dag van het muziekfestival. Voor Nederland komen bluesbrothers Micheal de Jong en Dyzack uit. Maar eerst verkennen we de steeds warmer wordende 6th Street. In deze beroemde straat bevinden zich 12 van de 44 clubs, bars en saloons, waar de muzikanten hun kunsten zullen vertonen.

‘s Middags breng we een bezoekje aan The Drag, het winkelcentrum nabij de University of Texas. Daarna weer terug naar 6th Street, waar we in Iron Cactus onze dorst lessen met Shiner, een pilsener uit Texas. Drummer Jeroen Kleijn: ‘Als je een paar van die flesjes op hebt merk je helemaal niet meer dat je in Amerika bent.’ Dit gevoel wordt nog sterker als we later bij het optreden van Dyzack in de Ruta Maya Coffee House zien dat het publiek voor een groot gedeelte uit de Nederlandse popdelegatie bestaat.

Het Nationaal Pop Instituut (NPI) neemt deze week een groot gedeelte van de kosten van de bands voor haar rekening en heeft in Austin een promotiekantoor ingehuurd. Met als resultaat dat Daryll-Ann en Dyzack een radio- en platenzaakoptreden mogen geven en dat er zaterdag een verhaal in de Austin American-Statesman staat onder de kop ‘A New Dutch Invasion.’ Onderkop: ‘Een tweede muzikale golf is uit Holland gearriveerd - en het werd tijd ook.’

Mark Lisheron beschrijft hierin onbedoeld hilarisch zijn kennismaking begin jaren zeventig met de hits van Shocking Blue, Tee Set, George Baker Selection, Mouth and MacNeal, Focus en Golden Earring. ‘...but all of a sudden The Dutch Invasion was over, cruelly unlamented. Patiently, the Dutch have waited for their triumphal return. As expected, I was waiting. Didn’t the world realize it was no coincidence that of the 965 bands at South-By-Southwest, six (!) are from the Netherlands?’

Alsof De Dijk, J.W. Roy, Miss Universe, Dyzack, Micheal de Jong en Daryll-Ann ooit een hit in Amerika zouden hebben! Die vinden het al prachtig als ze een plaat in Amerika kunnen uitbrengen. Zo ook Daryll-Ann: hun laatste cd Happy Traum zal in het najaar uitkomen op het Amerikaanse Spinart-label.

De volgende morgen zitten we te zonnen bij het zwembadje bij het hotel. Jelle zit met een lichte verkoudheid op zijn hotelkamer. Als aan het einde van de middag de lucht betrekt komt hij met waterige oogjes naar buiten. Een dikke New Yorker laat weten dat er zonet op het weerbericht een ‘tornado touchdown’ is voorspeld.

Als Daryll-Ann ‘s avonds om acht uur begint te spelen in een overdekte tent bij de Waterloo Brewing Company, is het weer helemaal omgeslagen. Er staat een koude krachtige wind, dat zowel voor band als publiek niet comfortabel is. Toch wint allengs Daryll-Anns warme geluid het van de kou en zijn de mannen na afloop zeer content. Jelle heeft zich er ondanks zijn fysieke gesteldheid goed doorheengezongen. Bovendien blijkt de manager van Guided By Voices serieus interesse te hebben. Hij wil voor Daryll-Ann in Amerika het management doen als Happy Traum daar uitkomt.

Ik neem een taxi naar 24th street. De taxichauffeur laat me zien waar Texasgouverneur George W. Bush woont. Aardig optrekje in een kleur die overeenkomt met het huis in Washington waar Bush zijn zinnen op heeft gezet. Het is hard begonnen te regenen als ik uitstap. Snel sprint ik naar Tower Records om daar te kunnen uitzoeken waar ik precies moet zijn. Een jongen achter de balie vraagt of ik misschien zijn paraplu wil hebben. ‘I don’t like umbrella’s, but I have one in my car, do you want it?’

Mijn nieuwe paraplu droogschuddend zie ik in de Texas Union Ballroom achtereenvolgens John Cale en Daniel Johnston optreden. Twee al wat oudere heren, die zich beide laten begeleiden door drie muzikanten. Cale, Welshman in New York, oogt sterk en zelfbewust. Johnston - uit Waller, Texas - heeft zijn halve leven in psychiatrische inrichtingen gezeten. John Cale voorziet oude nummers (Fear is a man’s best friend, Gun en Cable Hogue) met drumcomputers van nieuwerwetse arrangementen, waar Daniel Johnston klassiekers als Live And Let Die en Gotta Hide Your Love Away gewoon in zijn eigen versleten Dorusjasje wringt. Het is zowel komisch als pijnlijk te zien hoe Johnston na elk nummer uit zijn jaszak een flesje pakt, een paar slokken neemt, waarbij het meeste water buiten zijn mond belandt en dan het waterflesje met veel moeite weer in zijn jaszak propt. De paraplu komt goed van pas. Het hoost buiten.

De volgende dag verkennen we het Texaanse landschap in een bij een rent-a-car-toko gehuurde Dodger Spirit. We rijden twee, drie uur met Coen achter het stuur, zonder enige bebouwing, mensen of dieren tegen te komen. Zo nu en dan zweeft er een grote roofvogel boven ons. Het landschap bestaat voornamelijk uit dorre, steile bosvlakten. Helaas weinig cactussen. Wel veel kerkjes met grote borden waarop dingen staan als: earth is a pittstop, heaven is home. Bij Pedernales Falls, een staatspark, waar de Pedernales River doorheen stroomt, maken we een wandeling van twee uur. Jelle mag op de terugweg na enig aandringen van zijn kant laten zien dat hij niet voor niets autokoerier in Utrecht is.

‘s Avonds zie ik voor het eerst in mijn leven een live-optreden van De Dijk. Een openlucht-concert in de Scholz Beer Garten. Ik kan het niet alleen, het laatste nummer dat ze spelen, blijkt geen loze kreet. De Dijk-delegatie in Austin bestaat uit negentien mensen, van wie zeven bandleden. Naast een groot hart heeft De Dijk blijkbaar ook een grote portemonnee. En dat na een jaar lang niet te hebben gespeeld.

Zanger Huub van der Lubbe verontschuldigd zich voor zijn taalgebruik, ‘but you know that’s the language we speak in Holland.’ Het maakt de aanwezige Amerikanen niet zoveel uit. De rhythm & blues en soul van De Dijk is herkenbaar genoeg om te kunnen waarderen. Ook Huub heeft het wel naar zijn zin. Na een paar nummers loopt hij van het podium af en springt, zoals sommige artiesten plegen te doen wanneer ze denken dat dit bijdraagt tot een toffe sfeer, op één van de tafels waar de mensen zitten te eten en te drinken.

De sfeer wordt pas echt tof met de band die na De Dijk komt. Met op hun kop een dikke Stetson geven de Bottle Rockets uit Festus, Missouri een setje garage-rock western style ten beste. Mooie zang, zinderende gitaarduels en veel bier geserveerd in emmers, zodat we onze glazen steeds kunnen bijvullen.

Met een houten kopje word ik om een uur of elf wakker. Een goed uur later brengt een taxibusje ons naar een buitenwijk in Austin. Terwijl de Jeroennen door de cd-bakken gaan, geven Anne en de Paulusma-tweeling een kort akoestisch instore-optreden in ABCD’s Austin’s Best Compact Discs. Ik koop twee oude vinylplaten voor elk een dollar. Excitable Boy van Warren Zevon en Jesus Christ Superstar, want over een paar weken is het pasen en volgens mij ben ik mijn JCS-teepje kwijt.

Ik verheug me op de namiddag. We staan op de gastenlijst van een feestje ter gelegenheid van het debuutnummer van muziekblad Revolver, dankzij de manager van Guided By Voices. Deze meest gewilde party van de week in het Milennium Center betekent gratis barbecue en drank en twee hot bands. De twee vrouwelijke leden van de viermansband Nashville Pussy, die als ze Nederlands waren geweest zich waarschijnlijk ‘s Hertogenbosch Kutje hadden genoemd, stralen maar één ding uit: wilde vieze sex. De grote glanzende tieten van de bijna twee meter lange bassiste Cory Parks puilen uit de witte bustehouder. Op haar basversterker staat een glas melk of pina colada. Zo nu en dan neemt ze een teug, waarbij ze bewust het witte vocht over haar kin laat druipen.

Dan is het tijd voor Guided By Voices. Het laatste optreden dat we deze week in Austin zullen zien. Hun laatste platen vind ik niet meer zo briljant vind als Bee Thousand uit 1994 en Alien lanes uit 1995, maar Robert Pollard en de zijnen spelen vanavond supergoed. De band rockt als ouwe Engelse punk en dat in combinatie met Pollards prachtige stem en popsongs maakt dat de hele tent uit zijn dak gaat. Na afloop wordt minutenlang de bandafkorting ‘GBV! GBV! GBV’ gescandeerd. Als even later met z’n allen buiten staan zijn we allemaal verdoofd. Door het volume en door de magische sfeer die je zo heel af en toe hebt bij een optreden van een popgroep.

Om 4 uur gaat de wekker. Zondag 19 maart. In Atlanta moeten we negen uur wachten voor onze vlucht naar Schiphol. Ik besluit mijn geschrijf in een kladblok met de gedachte dat in elk geval déze week Amerikanen vriendelijke en open mensen zijn. Na enkele boompjes klaverjassen met Ferry en de tweeling is het eindelijk zover. This is non-smoking-area, zegt een stem boven mij. ‘Lekker belangrijk’, zegt Ron.

Terug naar
pers-overzicht