| Nieuwsblad
van het Noorden |
'Ondernemer' Meindert
Talma
'Ik kan me aardig vermaken zonder vriendin, hoor'
8 maart 2002
Maaike Borst
Meindert Talma is liedjesmaker, orgelspeler,
zanger, columnist, interviewer en schrijver. Oftewel: 'zelfstandig ondernemer'. Zijn
laatste cd 'Leave Stumper' ('Lieve Stumper') kreeg wederom juichende recensies en verkoopt
zelfs redelijk. Vrijdag 15 maart staat hij met zijn Negroes in het Groninger Vera. Tijd
voor een 'koarte besite' bij een lange Fries in Groningen. "Ik heb een onbedwingbare
neiging grappen uit te halen."
Het was tijdens Eurosonic. Ik stond te kijken
bij de Belgische band Monza. Meindert Talma kwam aanlopen. Koptelefoon op zijn hoofd, een
microfoon in zijn hand die hij onder mijn neus duwde. "Je bent live in de uitzending.
Wat vind je ervan?", vroeg hij. "Ja, eh, leuk bandje", antwoordde ik. Talma
liep door en liet me verbaasd achter. Even later kwam hij terug. "Dat was een
geintje, hoor", zei hij, zonder te lachen.
Talma deed verslag van Eurosonic voor radio 3. "Dat was behoorlijk gênant om te
doen", zegt hij achteraf. "Ik vond mezelf er vreemd uitzien, met zo'n ding op
m'n kop." Hij haalt zijn schouders op. "Maar ja, ik ben zelfstandig ondernemer,
hè. Dan zijn dat mooie klusjes."
Talma (33) praat rustig, met Fries accent, verlegen en droog tegelijk. Eigenlijk precies
zoals hij zingt. In zijn liedjes gebruikt hij ook gewoon spreektaal. "Sommige mensen
zeggen dat ik te weinig schaaf, dat het metrisch niet altijd klopt. Ik hou niet zo van
schaven." Talma is een zanger die het woordje 'ben' moeiteloos laat rijmen op
'gatén'. Ook zijn muzikale structuur is los. "Ja ach, met schema's en zo, ik doe
maar wat."
'Lullig' en 'oubollig', zo wordt zijn muziek daarom nogal eens omschreven, lang niet
altijd negatief bedoeld. Hij haalt zijn schouders op. "Ja, dat zal altijd wel zo
blijven. Ik heb nu eenmaal de onbedwingbare neiging grappen uit te halen."
Zo trad Talma tijdens Oerol en Noorderzon op in een SRV-wagen. "Dat was mooi
compact", grijnst hij. "Als mensen met hun hoofd meedeinden, dan ging de hele
wagen op en neer. Op Oerol, tijdens het EK 2000, hadden we hutspotpakketten mee. We
verkochten wortelen en uien en zo. We reden elke dag naar een andere plek, met 15
kilometer per uur. Soms wilden mensen onderweg drinken bij ons kopen. Dat hadden we dan
niet, dat was wel leuk."
De kamer van Meindert Talma hangt vol met foto's van hem en The Negroes, schilderijen,
tekeningen en een in kinderhandschrift geschreven setlijst. Een keyboard staat tegen de
muur. In de hoek een oude pick-up, wat platen en een draagbaar radiootje met cd-speler en
cassetterecorder. Geen indrukwekkende installatie. Talma grijnst. "Ik ben ook niet
zo'n cd-man." Hij propt een bandje van de Afghan Wigs in het apparaat, en gaat
zitten. "Ach ja, een beetje muziek op de achtergrond", zegt hij bijna
verontschuldigend.
In deze kamer moet hij het allemaal doen. Hier knutselt hij zijn muziek in elkaar, hier
schrijft hij zijn wekelijkse column voor de Leeuwarder Courant, de stukken voor
zijn eigen tijdschrift De Blauwe Fedde en de verhalen voor zijn volgende boek.
Sinds hij de verleiding van de tv de deur uitgedaan heeft, gaat dat werk een stuk beter.
"Ik was tv-verslaafd", bekent Talma. "Ik zat voor de jaarwisseling in een
dipje."
De liefde, door Talma veel bezongen, is vaak tragisch en komisch tegelijk. Op Leave
Stumper speelt de romantiek de hoofdrol. "Het is een obsessie", zei hij
zelfs in een interview. Nu kijkt hij verbaasd. "Obsessie? Nou ja, misschien omdat het
me niet zo goed afgaat." Hij glimlacht geruststellend. "Maar ik kan me aardig
vermaken zonder vriendin, hoor."
Talma's teksten zijn altijd direct, ook als het om seks gaat. "Vannacht ben ik een
vriendje voor jouw klitje", zingt hij schaamteloos. Het kost hem geen moeite.
"Alleen in het begin moet je wel even lachen, en zo." Het zinnetje komt uit het
nummer Rock&rollsexmuziek (Nee, iets mooiers is er niet"). "Muziek
waarvan je zin krijgt om eh, te springen. Niet dat ik dat veel doe trouwens. Vroeger
wel."
Hij stapt sowieso niet zoveel meer. Na het afscheid van de tv is hij vrij 'maniakaal' aan
het werk. Het materiaal voor de nieuwe cd ligt al klaar. Net als zijn vorige album Dammen
met ome Hajo - dat gelijk uitkwam met een roman over zijn jeugd - moet het een
boek/cd-combinatie worden. Dertien verhalen en dertien liedjes. "Het wordt een soort
vervolg op Ome Hajo. Het gaat over het einde van m'n studietijd en de jaren
daarna, de avonturen die ik beleef, zeg maar." Ondertussen werkt hij aan een
Engelstalige plaat. "Mijn Engels is niet zo goed, dus het zal meer om de muziek gaan.
Ik wil de psychedelische kant op."
Hij heeft het zo druk dat hij, hoe hard hij ook peinst, niet meer weet wanneer hij voor
het laatst in Vera was. De éérste keer weet hij nog wel. "Dat was vreemd. Ik was
die boerendisco's gewend. In Vera stond iedereen verveeld naar de grond te staren bij
mooie, wilde muziek."
Talma trok voor zijn studie geschiedenis van Surhuisterveen naar Groningen. Daar ontmoette
hij De Hobbyrockers die hem stimuleerden voor de muziek te kiezen - "dat
vonden mijn ouders wel jammer, en dom". Een van hen was Nyk de Vries, ex-Negroe en
collega-redacteur van het Friestalige tijdschrift De Blauwe Fedde. Onlangs
verscheen De Blauwe Fedde yn petear, verzamelde interviews met meer en minder
bekende Friezen, net als Talma afkomstig uit de Woudstreek. "Dat vonden we wel mooi,
mensen hun levensverhaal laten vertellen en af en toe een beetje naknikken."
Talma staat op en laat me Flip Kowlier horen. De Belg en Talma worden met elkaar
vergeleken, vanwege hun eigenzinnigheid, bijzondere teksten en dialecten. Kowlier zingt in
het West-Vlaams. "Raar taaltje hè?", zegt Talma. "Je verstaat het echt
niet." Ik blader ondertussen door De Blauwe Fedde yn petear en snap er geen snars
van. Talma knikt begrijpend. "En toch zijn er best veel van verkocht, da's wel
bijzonder voor zo'n Fries boekje." |
|
Terug naar
pers-overzicht |