![]() ![]() |
DOODGEVROREN NAAST
ZIJN GITAAR 6 januari 2007 Dat moet gek hebben geklonken, in mei vorig jaar. Het kleine kerkje Jezus Leeft in Luchtenveld, een kruispunt met wat woningen in de buurt van Drachten, stond opeens bol van het geluid. Een bas, een gitaar, een grote trom plus bekken, een harmonium en een rauwe stem. Een hoekige blues op twee noten, in driekwartsmaat. Wie is daar aan het schrijven? Apostel Johannes! Wat is Johannes aan het schrijven? Het boek met de zeven zegels! zingt Meindert Talma. Het was de laatste keer dat het kerkje diende als plek voor een publieke bijeenkomst. Het kerkje heeft iets alpenachtigs, het met planten begroeide klokkentorentje oogt als een zadeldak. De pastorie ernaast heet Huize Vredeen is van binnen helemaal gestript. De eigenaar Jan Bernard Woudstra heeft in Jezus Leeft een centrum voor acupunctuur gevestigd. Naast de kerkdeur hangen twee bordjes; een met het niet-rokensymbool en een ander met het lidmaatschap van Zhong, de Nederlandse vereniging voor traditionele Chinese geneeskunde. Rechtsonder is een eerste steen te zien, uit juli 1928, met twee Bijbelteksten: Jesaja 28:16 en 1 Korintiërs 3:11. De legger ervan ligt op het kleine kerkhof achter Jezus Leeft. Berend Overdijk is van 1894 en stierf precies dertig jaar geleden, op 8 januari 1977. Hij werkte bij een meubelfirma in Dokkum, maar voelde de roeping te gaan evangeliseren. Hij bouwde het kerkje en de pastorie en trok enkele tientallen mensen uit de omliggende dorpen, zoals Rottevalle, Houtigehage en Drachtstercompagnie, waar de prediking voor sommige Friese gereformeerden te vrijzinnig was. De locatie leek toen logischer dan nu, want vanaf 1918 tot 1946 liep er een tramlijn van Groningen naar Drachten die in Luchtenveld een halte had. Onze vrome en arbeidzame vader, staat op de grafsteen van Overdijk. Zijn zoon Jan Hendericus (van 1924) zette het werk voort, maar de Vrije Evangelische Broedergemeente die zich op zijn Hernhutters in deze dreven ophield, verliep. Jan Overdijk drukte elke week duizend traktaatjes met een preek van drie bladzijden en stopte die in brievenbussen. Hij verwaarloosde zichzelf, leed honger en kou en stierf in 1997. Nu ligt hij zonder grafschrift- naast zijn vader. De kerk stond leeg totdat G.J. van Loon, een kolonel van het Leger des Heils, in 1998 een korte tijd in Jezus Leeft preekte, voor uitsluitend lege stoelen. Hij zag zichzelf letterlijk als een oefenaar. De zolder van de kerk verzakte onder de metershoge stapels evangelisatielectuur die daar lagen opgeslagen, nimmer verspreid. Totdat Meindert Talma de draad oppakte. Hij is een 38-jarige, twee meter lange Woudfries uit Surhuisterveen die tegenwoordig in Zuidhorn woont. Als schrijver en zanger maakte hij boeken en platen met titels als Dammen met ome Hajo en Kriebelvisje. Zijn band heet The Negroes, maar bestaat uit drie roomblanke noordelingen: Janke en Janpier Brands en Nyk de Vries. Ze hebben allemaal wortels in het geloof; Meindert gereformeerd, Janke hervormd, Jan Pier doopsgezind en Nyk baptist. Ze herkennen het licht sektarische, koppige, op maatschappelijke soberheid gerichte geloof van de vrijbuiters die op de grenslijn van Friesland en Groningen woonden. Daarom is hun plaat Nu geloof ik wat er in de Bijbel staat niet helemaal ironie. Talma vertaalde negen van de 84 songs, opgenomen in de jaren twintig, die in 1952 uitkwamen als Anthology of American Folk Music, hij nam ze op, ingeleid door harmoniumspel uit het gereformeerd kerkboek en een kort verhaal, uitgesproken met een knoestig accent dat helemaal thuishoort op deze plek. Het huiveringwekkendste nummer is dat over de zwervende Texaan Blind Lemon Jefferson, die in een steeg in Chigaco werd gevonden, doodgevroren naast zijn gitaar. Hij zong See that my grave is kept clean. Achter het kerkje Jezus Leeftstaan 26 zerken op vervulling van die opdracht te wachten. |
|