![]() ![]() |
Recensie 'Meindert Talma & the Negroes' 9 mei 2005 Nederland is polderland: een groot gedeelte
bevindt zich onder het zeeniveau. Opvallend genoeg geldt dat ook voor veel vaderlandse
muziek: eveneens is er een groot gedeelte dat zich kwalitatief gezien onder het N.A.P.
bevindt. De muziek waar we wèl trots op kunnen zijn wordt over het algemeen gemaakt door
mensen die de voeten droog zouden houden, mochten de dijken het begeven. Zo had u het nog
niet bekeken, hè? Staat u mij toe deze theorie te onderbouwen. Wat nu als de dijken
breken? Je mag hopen dat het Haagse Kane haar zwemdiploma heeft gehaald...En dat Sharon
den Adels baljurk waterdicht is...In Twente is de zee niet meer dan een gerucht. Het
helaas ter ziele gegane Krang komt uit Twente en maakte prachtige muziek. In het droge
Eindhoven weten ze wat stevig rocken is en Friesland heeft, naast haar terpen, Meindert
Talma. Meindert is een wonderlijke jongen, een warhoofd met taalgevoel. Als je op zijn
teksten afgaat, tenminste. Hij zingt dat zijn vriendin een suikerspin is. Een hele
grote roze. Een lekker zoet, pruikerig ding met wangen die blozen. En verderop zingt
hij dat hij met zijn negen jaar oude, paarse onderbroek in bed ligt, terwijl zijn
mokkeltsje aan het tandenpoetsen is. In muzikaal opzicht gaan Talma en zijn
band opvallend gevarieerd te werk. Van de gedragen pop van Suikerspin naar
zomerse melodieën in Buslijn 1, 17.35 uur. Van de psychedelica van De
Blauwe Fedde naar de disco (!) in prijsnummer Datst Du Net Mear
Bestiest. Talmas zesde album is wederom een prima plaat geworden. De man uit
Surhuisterveen is een artiest waar we heel trots op mogen zijn. Meindert Talma stijgt ver
boven het gemiddelde niveau uit en verdient het om door een groot publiek te worden
gehoord. Waarmee de eerder genoemde aardrijkskundige stelling ook maar weer bevestigd
wordt. |